Verfkleur: grisaille, zilvergeel

Beschrijving: bannier met gotische tekst dat bestaat uit drie fragmenten

Tekst: ‘Semiprebendarius in Oldenselen’ en ‘Mate’*

Interpretatie: schenkingsglas van een semiprebendaris uit Oldenzaal. Het grootste fragment bevat een verwijzing naar de ontvanger van een halve prebende. Het tweede fragment (Olak 111) bevat mogelijk het eerste deel van een voornaam, zijnde ‘Mate…’, mogelijk een verwijzing naar Mateus, al wordt Matteus doorgaans met twee t’s geschreven. Er zou ook ‘Mater dei’ (moeder gods) kunnen hebben gestaan.

Achtergrondinformatie: Een semiprebendaris is de ontvanger van een halve prebende, het loon van een geestelijke. Om voor een halve prebende in aanmerking te komen, moest een kanunnik subdiaken zijn en zelf in het gebied van de prebende wonen (Bartelink, 2009).

In het boek ‘Oldenzaal in Twente’ (Hesselink – Van der Riet, e.a., 2012) is een vertaling opgenomen van het Repertorium Aldensalense, de pauselijke kanselarijregisters. De paus benoemde de helft van de kerkelijke vacatures, welke in een dergelijk register werden vastgelegd. In het boek werden zeven semiprebendarissen beschreven:

  • Gerardus Guetkint, kanunnik, altarist en officiaal (rechter aan een kerkelijke rechtbank) te Oldenzaal
  • Johannes Stuurman (-1518), magister, kanunnik en officiaal van de St. Plechelmuskerk
  • Gerardus van Lange, kanunnik te Oldenzaal
  • Johannes de Ramsberge, schoolmeester en altarist
  • Andreas Achterhuis, geestelijke
  • Johannes van Thije, geestelijke
  • Menso ten Toorn, geestelijke

In het ‘Memorieboek’ of ‘Calendarium-necrologium van het St. Plechelmuskapittel Oldenzaal’ (Bartelink, 2009) werd nog twee semiprebendarissen genoemd, zijnde:

  • Johannes Manthen
  • Johan Bonningerhof, kanunnik

 

Aantal fragmenten: 3

Correlatie database nr: 045

*Met dank aan Redmer Alma van het Drents Archief voor de vertaling

Olak 95: tekening
Olak 95: bewerkte tekening. Zoals op de bewerkte tekening duidelijk zichtbaar is, ontbreken enkele letters. De ‘n’ in semiprebe(n)darius is niet zichtbaar, deze is verborgen door de vouw van de banier. Door het ontbreken van een groot deel van het glas missen daarnaast de letter ‘ens’ van Old(ens)elen. Echter is het erg aannemelijk dat het hier een verwijzing naar de vindplaats van het glas betreft: Oldenzaal.